Communicatievraag met een M? Raadpleeg de HSTotaal-woordenlijst!

start a b c d e f g h i j k l m n o p q r s t u v w x y z

 

HSTotaal woordenlijst:
van maatwerk website tot muurreclame.

Verklaringen van communicatiebegrippen, design dialect, reclametaal, ontwerpwoorden, vormgeversjargon, typografische vaktaal, dtp-kreten, grafische uitdrukkingen, drukkerslatijn, papiertermen en van enige creatieve wartaal.

 

m

maatwerk website

closed source website, een website die niet standaard 'van de plank' wordt gehaald, geen gebruik maakt van zogenaamde standaard templates, maar precies op maat wordt gemaakt door een websiteontwikkelaar en waarvan de broncode niet openbaar, niet toegankelijk en niet gratis is. De aanbieder vraagt een ontwikkeltarief en een gebruikstarief, een zogenaamde licentiefee. Het grote voordeel van een maatwerkwebsite - een closed source website - is dat, het woord zegt het al, maatwerk wordt geleverd, geen standaard templates, dus een eigen, onderscheidend design en een maatwerk CMS - content management system – dat dus precies de relevante functies ondersteunt en niet meer dan dat. Niet-maatwerk CMS-systemen leveren veel vaak meer functies dan noodzakelijk, met name functies die niet in bedrijf zijn, waardoor het CMS wordt ’vervuild’ met meer knoppen dan noodzakelijk en het CMS onoverzichtelijk wordt. Het andere voordeel van maatwerk is de ruimte die er is voor een eigen design, dat optimaal passend kan worden gemaakt bij de identiteit van het merk of de organisatie. Maatwerkwebsites leveren niet méér techniek dan nodig is, in tegenstelling tot open source websites die opgebouwd zijn uit modules die zoals gezegd heel veel (altijd té veel) bieden. Daarmee slipt het scherm en de software vol met knoppen en functies zonder werking. Dat vertraagt de website. Maatwerk is overzichtelijk en eenvoudig en zorgt voor een snelle website. Voor een closed source website is geen IT-kennis nodig. Een open source pakket moet regelmatig worden geüpdate om het veilig te houden, waarbij de optimale werking van de plug-ins steeds moet worden gecontroleerd. Geen enkel probleem als de juiste programmakennis in huis is, maar lastig als dat niet zo is. Een closed source website is veilig. Open source - het woord zegt ’t - is open, voor iedereen toegankelijk. Ook voor programmeurs die het minder nauw nemen. En ook voor hackers. Maar omdat - in bijvoorbeeld Wordpress - ook iedereen werkt aan veiligheid is het meestal best wel veilig genoeg. Maar toch. Een closed source website is degelijk geprogrammeerd, zwaar getest op veiligheid (gecertificeerd) en voorzien van een SSL-veiligheidscertificaat. Voor kleine, eenvoudige websites met een gering aantal pagina’s zonder bijzondere functies en waar een onderscheidende uitstraling niet nodig is, kan een open source website waarbij een standaard template is gebruikt goed functioneren. Zijn de ambities groter - een eigen uitstraling, meer pagina’s, meer functies, overzichtelijkheid, snelheid en een eenvoudig CMS, dan is een closed sourse website sterk aan te bevelen.

machine-coated papier

mc-papier, kortweg mc, een papiersoort die machinaal is voorzien van een gladde laag (krijt), voor een zeer goed drukresultaat. Glad papier heeft een andere ’uitstraling’ en geeft minder ’gevoel’ dan papier met een ruwer oppervlak (= ongecoated papier).

machinaal zetten

machinezetten, heteloodzetmachines, het machinaal produceren van zetwerk in vaste regels, of het machinaal produceren van losse letters die woorden en vervolgens hele regels vormen. De vaste regelzetmachines gaven aan het eind van de 19e eeuw een enorme versnelling aan de productie van zetwerk, dat tot dat moment voornamelijk nog gebeurde door het handmatige letterzetten. Omdat voor elke regel en voor elk zetwerk nieuwe letters werden gegoten - de machine was een combinatie van zetmachine en gietmachine - bracht dat ten opzichte van het herhaald gebruik van handletters een enorme kwaliteitsverbetering. Het machinaal zetten van vaste regels wordt aan de hand van uitgetypte kopij uitgevoerd door een machinezetter op een zetmachine, ook wel regelzetmachine genoemd. De Linotype en de Intertype zijn de meest succesvolle regelzetmachines die vanaf 1886 op grote schaal zijn geïntroduceerd bij zetterijen, loonzetterijen, drukkerijen, voor de productie van grote hoeveelheden zetwerk voor kranten, boeken en tijdschriften. De Monotype - een ontwikkeling uit 1887 - is een zetmachine waarbij losse letters worden gegoten die tot regels worden gevormd. Nadat de regels tot een hoogdrukvorm zijn samengesteld kan het zetwerk naar de drukkerij om afgedrukt te worden. Na het drukken worden de vaste regels van de Linotype- en Intertype-machines niet opnieuw gebruikt maar omgesmolten, als zogenaamde broodjes terug naar de zetmachine voor het gieten van nieuwe regels. Ook de losse letters van de Monotype-machines werden niet gedistribueerd maar omgesmolten tot nieuw lood voor nieuw zetwerk. Met de komst van de fotografische zetmachine verdween vanaf 1970 de zetmachine uit het grafisch bedrijf. 

macromontage

grootmontage, grafisch werk in de offsetdrukkerij, de montage van de complete pagina’s , de schone kleurgescheiden vierkleuren offsetfilms - van bijvoorbeeld boeken, tijdschriften, kranten, brochures - volgens inslagschema samenstellen tot drukvellen. De grootmontage - vaak negatiefmontage - wordt gebruikt voor het belichten van de offsetplaat (in dat geval wordt een negatiefmontage belicht op een zogenaamde negatiefplaat). Het werk wordt verricht door een macromonteur. In de fase vóór de macromontage vindt de micromontage plaats - vaak als positiefmontage; de afzonderlijke pagina’s worden samengesteld uit losse filmdelen - koppen, tekstkolommen, afbeeldingen, bijschriften, lijnen. Dat werk wordt verricht door een micromonteur. Het montagewerk is te vergelijken met het zogenaamde werktekenen; echter, een werktekening is een papieren opzichtmodel terwijl een micro- en macromontage bestaat uit uitsluitend film - transparant materiaal. Het samenstellen van de montage gebeurt met tape - blanco tape voor de positief montage, rood tape voor de negatiefmontage. De pagina’s in de negatiefmontage worden met enige tussenruimte naast elkaar op inslagschema gemonteerd. De vrije ruimte tussen de pagina’s is gevuld met rood tape dat aan de achterzijde - de kleefzijde - wordt ingepoederd met talkpoeder waardoor de kleefkracht van het tape wordt weggenomen en de montage tijdens de belichting niet aan de offsetplaat kleeft en beschadigt bij het afnemen. Naast rood tape wordt ook een rode dekverf gebruikt - Negropak - waarmee beperkingen in de belichting, onzorgvuldigheden en stofjes die hebben geleid tot zeer kleine gaatjes in negatieffilms worden dichtgeschilders - uitgedekt.

magazine

periodiek, tijdschrift, een verzameling artikelen en advertenties, op papier gedrukte en gebundelde, gebrocheerde of zelfs een digitale uitgave - e-zine genoemd, met regelmatige verschijning. Ook het personeelsblad, relatiemagazine, bedrijfsblad, corporate magazine, gelegenheidsmagazine of themamagazine kan als magazine worden uitgegeven. Een magazine, de naam zegt het al, is een opslagplaats van nieuws, interviews, verhalen, reportages, tekst en beeld. De opmaak is compacter en brutaler dan een brochure of jaarverslag die veel sterker stramiengeoriënteerd zijn. De opmaak van een magazine geeft veel ruimte aan beeld, aan fotografie. Een magazine geeft meer ruimte aan ruimte; pagina’s volgen elkaar op in een grote verrassing. Niet alleen de pagina’s in één nummer kunnen binnen het concept sterk verschillen, ook tussen de opeenvolgende nummers kunnen de verschillen groot zijn. Over een langere periode bezien kan een magazine zich nog verder doorontwikkelen: met de seizoenen meekleuren, trends gaan volgen, met de actualiteit meebewegen.

magenta

ofwel M, de kleur rood in het drukproces van vierkleurendrukwerk (CMYK).

mager

gradatie van vetheid van drukletters. Naast vet, cursief, condensed enz.

magnetografisch printen

een ontwikkeling van het Franse bedrijf Bull Nipson, de enige ontwikkelaar in de wereld die magnetografische printsystemen op de markt brengt. Het zijn zeer snelle industriële printers voor hoge resolutie (480 dpi) zwart-wit massaprintwerk met variabele gegevens, zoals cheques, direct mail, tags, etiketten. Magnetografisch printen is vergelijkbaar met de techniek van laserprinters;  een kopieertrommel wordt geladen waaraan zich droge toner hecht. De drum van een magnetografische printer wordt echter niet elektrostatisch maar magnetisch geladen. Het te drukken beeld wordt door duizenden magneetkoppen - dot voor dot - op de trommel geschreven. In tegenstelling tot de lichtbundel in een laserprinter beschrijven de magneten juist het beeld dat op papier zwart zal worden. Op het gemagnetiseerde beeld hecht de magnetische toner die vervolgens met druk en hitte op het papier wordt overgebracht en gefixeerd. Per minuut print de magnetograaf 100 meter, meer dan 475 A4-tjes. Het magnetografische principe is zo snel omdat de magneten met elkaar samenwerken, in tegenstelling tot een laserprinter die met één laserstraal de hele breedte van een A4-tje moet belichten.

Mahez

Machinehandel van Johan Enschedé en Zonen, samen met Wifac en Tetterode is Mahez jarenlang een van de drie grote leveranciers van de grafische machines en materialen in Nederland. In 1887 breidt de Haarlemse drukker van waardepapier Johan Enschedé en Zonen haar activiteiten uit door onder de naam Mahez - Machine Handel Enschedé en Zonen - materialen en machines te gaan leveren. In 1970 gaat de Lettergieterij Amsterdam zich uitsluitend richten op Heidelberg drukpersen en draagt zij de vertegenwoordiging van Roland persen over aan Mahez. In 1994 gaat Mahez een fusie aan met zeven Europese grafische ondernemingen en gaat op in de Omnigraph Group. Op dat moment krijgt naast KNP BT ook MAN Roland een deel in bezit. MAN Roland wijzigt de naam Mahez in 2002 in MAN Roland Nederland B.V. en verdwijnt de naam Mahez als leveranciersnaam. In 2007 gaan de activiteiten van Nederland op in MAN Roland Benelux.

mailinglist

een lijst e-mailadressen die als groep in één keer hetzelfde bericht ontvangt. 

manual

handleiding waarin de huisstijl en het gebruik ervan worden uitgelegd. Ook wel huisstijlhandboek genoemd.

Manuaren

lettersoort van met de hand of penseel getekende letters, zoals de Comic Sans, of de Libra van S.H. de Roos.

manuscript

handgeschreven tekst, de vorm waarin boeken verschenen vóór de uitvinding van de boekdrukkunst. Tegenwoordig wordt de oorspronkelijke kopij van een boek een manuscript genoemd, maar strikt genomen is dat een onjuiste benaming. Kopij die is getypt op een typemachine wordt typoscript genoemd. 

Marabu

kleurensysteem voor zeefdrukinkt.

marge

vrije ruimte tussen papierrand en de zetspiegel, de bedrukking op de pagina.

marketing

alle activiteiten die gericht zijn op het bewerken van de markt met het oog op het genereren of verhogen van waarde, ontwikkeling en omzet van merken, producten, diensten en standpunten. Marketingactiviteiten zijn gericht op het positioneren en communiceren van de naam en de naamsbekendheid, de meerwaarde, het imago, de reputatie, het verwerven van nieuwe klanten, onderhouden van bestaande klanten en het initiëren van acties. De markt wordt daarbij bewerkt en benadert via de post, telefonisch, betaalde en onbetaalde publiciteit in krant en tijdschriften, digitale activiteiten via internet, zoals website, e-mailings en social media en de bewerking via sales- en promotieacties en beurzen. Marketing laat zich op veel manieren benoemen en laat zich in evenzovele stukjes uiteen vallen: van actiemarketing, belevenismarketing, digital marketing, direct marketing, content marketing, printmarketing, telemarketing, online marketing en event marketing, tot affiliated marketing, ambusch marketing, piggybacking marketing, user-generated marketing, viral marketing, word of mouth marketing en youth marketing. Die versnippering is zinloos. Uiteindelijk streven alle activiteiten hetzelfde doel na: waardeverhoging door marktbewerking.

marmering

een oude, zeer moeilijke en arbeidsintensieve decoratietechniek, gebaseerd op het verschijnsel dat inkt (vet) en gomwater elkaar afstoten, waardoor patronen ontstaan die op papier worden overgebracht. Marmertechniek wordt in de boekbinderij toegepast bij boeken, waarbij de open zijden of schutbladen handmatig worden voorzien van een gemarmerd patroon: een zogenaamd kleurvlekkenpatroon of golflijnenpatroon, wolkenmarmering of sprenkelmarmering.

map

persmap, introductiemap, informatiemap, omslagmap, verzamelnaam voor een omslag - soms met een of meerdere naar binnen vouwende en gestanste flappen, vervaardigd uit zware tot zeer zware papier- of kartonsoorten met een laminaat, met een bedrukte buitenzijde - vaak ook binnenzijde - en een gelakte of geverniste beschermlaag. Een map dient ter bescherming van de inhoud die kan bestaan uit meerdere losse drukwerken of documenten. 

mascotte

een vorm van een bedrijfslogo, een losstaand, geïsoleerd en zelfstandig te gebruiken herkenbaar en benoembaar figuur, in de vorm van bijvoorbeeld een persoon of dier dat aan de naam van een organisatie of bedrijf - ook wel van een individu, een dienst, product, partij of idee, religie of ideologie - is toegevoegd, de onderneming representeert en een rol kan spelen in de communicatie van het merk. Voorbeelden zijn de leeuw van ING, het beertje van Robijn, de nar van de Efteling en de krokodil van Lacoste.

massacommunicatie

boodschappen die ons via de krant, tv, radio, boeken, film, muziek en internet bereiken. Massacommunicatie is een in onbruik geraakte term voor mediacommunicatie, omdat de term suggereert dat een massa mensen tegelijk wordt beïnvloed, terwijl bij communicatie sprake moet zijn van interactie. 

masterless printing

printen zonder drukvorm, zonder beelddrager. Bij deze vorm van printen wordt het te drukken beeld als digitaal bestand voor elke afdruk opnieuw van de computer naar de  printapparatuur gezonden. Drukvormen, beelddragers (masters), zoals clichés, sjablonen, stempels en drukplaten (offsetplaten) zijn niet nodig. De meest voorkomende vormen van masterless printing zijn laser printen, elektrofotografisch printen, thermografisch printen, inkjet printen, transfer printen, magnetografisch printen, Océ Copy Press en digitale offset.

mat

gradatie van effenheid van het papier.

Matchprint

een in 1970 door 3M ontwikkelde kleurproeftechniek, een thermisch lamineringsproces langs fotografische weg, waarmee lithofilms konden worden gecontroleerd zonder drukproeven in offset te hoeven maken. Een Matchprint is een opzichtmodel dat is samengesteld uit een papieren basisvel en meerdere lagen transparant film in elk van de vier full color drukgangen, cyaan, magenta, geel en zwart (CMYK). Het resultaat is geen nauwkeurige weergave van het eindresultaat, maar geeft een aanvaardbare suggestie.  

matrixprinter

een tekstprinter die een afdruk maakt door metalen pinnetjes via een inktlint tegen een vel papier te slaan. Een matrixprinter is uitgerust met een printkop met metalen naaldjes die tijdens het afdrukken heen en weer beweegt over een metalen geleider. Tussen de printkop en het papier is een inktlint gespannen terwijl de naaldjes met grote snelheid tegen het inktlint slaan. De naaldjes worden elektromagnetische geactiveerd waardoor binnen een door de tekengenerator bepaalde matrix van 9, 18 of 24 punten (dots) een teken ontstaat. Dit aantal punten bepaalt de resolutie en daardoor de afdrukkwaliteit. Hoe meer puntjes, hoe meer details in het schriftbeeld, hoe meer printkracht nodig is. Matrix printers zijn zogenaamde impact printers; er is druk en fysiek contact nodig tussen de printkop en het inktlint en het papier om de afdruk te laten plaatsvinden. Inkjet printers en laser printers zijn non-impact printers; er is geen fysiek contact en geen druk nodig om een afdruk te maken. Matrixprinters worden onmisbaar bij het maken van doorslagen op zelfkopiërend papier en bij het printen in hete, koude, stoffige of vochtige ruimten. Nadeel is dat ze nogal luidruchtig zijn.

m.c.-papier

papier voorzien van speciale afwerklaag. Geeft een bijzonder gesloten, mat of glanzende oppervlakte.

Mecanorma

Frans bedrijf, evenals Letraset in de 70-er en 80-er jaren een van de grote, wereldwijde verkopers van afwrijfletters en -tekens (plakletters) voor het handmatig vervaardigen van titels en kopregels in reproductietekeningen (werktekeningen) als drukwerkvoorbereiding. De letters zijn in drukwerkkwaliteit aangebracht op een dragervel en worden met een houten of metalen spatel - of met een stomp potlood - overgebracht op papier of karton. De opkomst van de kwalitatief stabiele fotozetmachine heeft het kwalitatief persoonsafhankelijke handmatige, tijdrovende dus dure werken met plakletters verdrongen. In 1995 droeg Mecanorma de productie van wrijfletters over aan Trip Productions.

Mecanorma Collection

de voormalige collectie afwrijfletters van Mecanorma, in 2004 door International TypeFounders (ITF) overgenomen en als digitale letterbibliotheek beschikbaar gesteld. Bekende Mecanorma-lettertypen zijn: Stencil, Cooper Black, ICT Neon, Stencil, Blippo, Eurostyle.

mediacommunicatie

communicatie via één of meer mediumtypen, waarvoor betaald moet worden door de zender van de boodschap. Het is een niet-persoonlijke vorm van communiceren.

mediaevalcijfers

uithangende cijfers, cijfers wisselend van breedte en hoogte en wisselend van positie ten opzichte van de letterlijn (de onderzijde van de letter zonder staart). Mediaevalcijfers zijn speciaal ontworpen om binnen een horizontale tekstregel te worden toegepast waardoor cijfers mooi aansluiten op het ritme een gewone tekstregel. Daarom hebben mediaevalcijfers geen vaste breedte - de 1 staat op een smallere kegel dan de 8. Dat is anders dan bij zogenaamde tabelcijfers waarvan het letterstaafje wél een vaste breedte en vaste hoogte heeft. Tabelcijfers - het woord zegt het al - zijn bedoeld voor tabellen, en ook voor andere verticale opsommingen waarin alle cijfers recht onder elkaar dienen te staan. Het letterstaafje is ter grootte van een pasje, een half vierkant. Het letterbeeld van deze cijfers hebben een gelijke grootte en geven daardoor een rustig leesbeeld. Mediaevalcijfers zijn niet bij elk lettertype verkrijgbaar.

medium

middel om een boodschap over te dragen, informatiedrager, boodschapper.

mediumtype

media die wat hun aard betreft met elkaar overeenkomen. Zoals bijvoorbeeld visuele 

media

(kranten, tijdschriften, folders), auditieve media (radio en telefoon) en audiovisuele media (televisie).

meerkleurendruk

drukwerk met meer dan één kleur.

meerkosten

aanvullende bedragen bovenop de afgesproken prijs in een offerte; een lastig onderwerp voor creatieven en opdrachtgevers. Meerkosten - of minderkosten - ontstaan als het proces van een project anders verloopt dan voorzien, vaak als gevolg van een tussentijdse wijziging van de opdracht, voortschrijdend inzicht waardoor de opdrachtgever gaat nadenken nadat die een ontwerp heeft gezien, of vanwege onvoorziene omstandigheden zoals de stijging van grondstoffen. Als meerkosten ontstaan vanwege een verkeerde inschatting van tijd door het bureau is dat doorgaans met de opdrachtgever niet bespreekbaar. 

meestergast

meesterknecht of meester, andere naam voor medewerkend voorman drukker, iemand die leiding geeft aan enkele drukkers of aan een complete drukkerijafdeling. Een voorman controleert de voortgang, zorgt ervoor dat het werk goed wordt uitgevoerd en helpt de drukkers bij problemen en vragen. De meestergast is de hoogste in rang in de drukkerij, de schandjongen - die de misdrukken uit de oplage verwijderd - de laagste in rang. 

merk

een onderscheidend teken (beeldmerk), een naam (logo, woordmerk), symbool, icoon, afbeelding of een combinatie daarvan, dat de signatuur, de handtekening vormt van een onderneming, organisatie, product of dienst en dat ook de sleutel is tot herkenning; het vaandel dat voor het orkest uitloopt. Het merkteken visualiseert de naam en de identiteit op een specifieke manier en is daardoor onmisbaar bij commerciële activiteiten. Daarnaast visualiseert een merk ook de identiteit, de corporate identity. Deze identiteit vormt samen met de symboliek, het gedrag en de communicatie de totale merkbeleving. De visuele identiteit maakt het merk zichtbaar en concreet in een huisstijl, met uitingen die consequent op elkaar zijn afgestemd, zoals het logo, het wagenpark, de website en de verpakkingen. Uiteindelijk is een merk ook een brand. Branding is een abstract begrip en gaat over klantbeleving, wat het publiek denkt, voelt en ervaart bij het zien van een merk. In marketing wordt onderscheid gemaakt tussen A-merken (een bekend merkartikel met veel naamsbekendheid, veel kwaliteit en een goede reputatie), B-merken (een merkartikel met minder naamsbekendheid, lagere kwaliteit, minder goede reputatie), en C-merken (witte merken of discount-merken die zich richten op een doelgroep waar de prijs doorslaggevend is) en huismerken (een C-merk dat eigendom is van een winkelketen waar het tegen een lagere prijs wordt verkocht). 

merkwaarden

de waarden die door de onderneming, maar wellicht nog meer door klanten en gebruikers worden toegeschreven aan een merk, zonder dat de gebruikers die waarden kennen. Merkwaarden zijn dus bij voorkeur niet alleen de gewenste waarden zoals een organisatie die graag zelf toekent aan het merk, maar het is ook de betekenis die anderen aan het merk geven. Merkwaarden - aangejaagd door de organisatiewaarden - vormen het fundament onder het merk. Merkwaarden bepalen wat je met het merk kunt ondernemen, geven vorm aan het merkgedrag, inspireren de creativiteit en de merkcommunicatie en helpen het merkkarakter vorm te geven. Het geeft het merk herkenbaarheid en een onderscheidende positie in de markt. Merkwaarden zijn niet vrijblijvend. Bij voorkeur zijn ze geïnspireerd door het merk zelf en zeggen alles over wat het merk is; het gaat om het zijn van het merk. De merkwaarden geven dus niet alleen de kaders aan hoe het merk zich kan gedragen, maar bewaken ook de geloofwaardigheid; het merk dient zich te gedragen naar zijn waarden. Kan dat niet waar worden gemaakt - omdat de waarden niet gebaseerd zijn op wat voortkomt uit het merk, maar wat bijvoorbeeld vanuit de onderneming of zelfs een reclamebureau als wenselijk is aangestuurd - dan verdwijnt de geloofwaardigheid uit het merk.

metallic inkten

goud- en zilverinkten met metaalpigmenten voor vellenoffsetdruk en zeefdruk, met een metaal of parelmoer uitstraling. Naast goud en zilver verkrijgbaar in de PMS goud- en zilverinkten. Wordt toegepast op luxe drukwerk en verpakkingen. 

methode Van de Graaf

een methode die is bedoeld om bij boektypografie tot een Gulden Snede te komen waarbij de grootte en de verhouding van de zetspiegel, en de positie van de zetspiegel op de bladspiegel in een harmonische verhouding is gebracht. Deze methode is ingewikkelder dan beide andere methodes (de berekeningsmethode en de diagonaalmethode), maar voldoet beter bij afwijkende paginaformaten. Bij deze methode worden diagonalen getrokken over de enkele en over de dubbele pagina, om vanuit de kruisingen nieuwe hulplijnen te trekken, loodrecht omhoog en loodrecht naar beneden tot het rugpunt. Daaruit wordt positie en lengte van de pagina bepaald. Naast deze methode zijn er zoals genoemd nog twee andere methodes: de berekeningsmethode en de diagonaalmethode. 

micromontage

grafisch werk in het lithobedrijf ten behoeve van de offset drukwerkvoorbereiding, de handmatige montage van los vervaardigde filmdelen - tekstkolommen, koppen, gerasterde foto’s, illustraties, paginacijfers enz. - tot complete pagina’s die vervolgens tot schone films worden gekopieerd. In de daaropvolgende macromontage of grootmontage worden de afzonderlijke pagina’s volgens inslagschema tot complete drukvellen samengesteld. De micromontage wordt verricht door een zogenaamde micromonteur. 

microperforatie

perforatie, perforeren, het met een vlak of roterend mes aanbrengen van een rij aaneengesloten, zeer kleine open gaatjes - speldenprikjes - in bedrukt papier, drukwerk, waarbij een scheurlijn ontstaat, zodat makkelijk gescheurd kan worden zonder dat het drukwerk verder beschadigt. Bijvoorbeeld bij schrijfbloks, entreekaartjes, kettingformulieren en kwitanties. De microperforatie wordt aangebracht met holle pinnen waardoor een rond stukje uit het papier worden genomen. 

moet

ongewenst verschijnsel bij drukwerk in de boekdrukkerij, een teken van een slechte kwaliteit drukwerk die wordt veroorzaakt door een té grote persing van de hoogdrukvorm op het papier waardoor de druk aan de achterzijde van het papier zichtbaar is, als het ware is doorgedrukt. Is de moet ernstig en ook voor een leek zichtbaar, dan zeggen drukkers tegen elkaar: "Daar kan ik mijn pet aan ophangen!" Een reactie uit de tijd dat drukkers petten droegen. 

moiré

een ongewenst verschijnsel in de lithografie of beeldbewerking waarbij twee patronen nét niet gelijk zijn en een derde patroon ontstaat. Moiré doet zich voor in de lithografie waarbij een gelijkmatig patroon in de foto (bijvoorbeeld de stof van een streepjespak) net niet samenvalt met het ritme van een puntraster dat bij de reproductie gebruikt wordt. Of wanneer een gerasterde foto opnieuw wordt gereproduceerd en gerasterd. Of wanneer de rasterhoeken niet vergenoeg uiteenlopen. Door het verschil dat optreedt tussen de patronen wordt een niet-bestaand patroon zichtbaar. Door het gebruik van filters of door een ander raster of een andere rasterstand te gebruiken kan een moirépatroon worden voorkomen. 

mollen

het door dommigheid, door ontbrekend vakmanschap of door het ontbreken van vaardigheid onjuist elektronisch modificeren van digitale beelden - letters, illustraties, logo’s. Mollen komt vandaag de dag, in het digitale tijdperk, vaker voor dan in het analoge tijdperk, juist vanwege de eenvoudige manier om digitale beelden uit te wisselen en te bewerken en de grote beschikbaarheid van digitaal materiaal. Vanwege die ogenschijnlijk eenvoudige digitale toegankelijkheid van beelden en het ontbreken van tijd, geduld, aandacht, liefde, passie, begeleidende instructies en controle worden veel fouten gemaakt. Voorbeelden van mollen zijn: de slecht gejatte en verbouwde lettertypes van Bill Gates die hij levert bij het tekstverwerkingspakket Microsoft Word. Ook logo’s worden gemold om ze dwingend passend te krijgen op een gewenste maat en waarbij de moller - degene die molt - geen oog heeft voor het vakmanschap en de liefde waarmee het logo is gemaakt. Foto’s worden gemold door ze verkeerd te bewerken in Photoshop of andere beeldbewerkingspakketten. De complexiteit van deze pakketten is groot, de mogelijkheden eindeloos, het onjuiste gebruik ook. 

modificeren

het elektronisch vervormen en bewerken met grafische softwarepakketten van digitale beelden - teksten en logo’s, zoals cursiveren, versmallen en verbreden van. Onjuist modificeren - waarbij het oorspronkelijke of bedoelde karakter van de voorstelling om zeep wordt gebracht - wordt mollen genoemd. Dat is modificeren zonder kennis, vaardigheid en vakmanschap.

monogram

een typografisch logo, het logo van een organisatie of bedrijf - ook wel van een individu, een dienst, product, partij of idee, religie of ideologie - dat is vormgegeven met – als het ware - in elkaar gevlochten letters, zoals de logo’s van AH (Albert Heijn), Louis Vuitton en Yves Saint Laurent.

Monotype

een losse letterzetmachine, een toetsenbord - bediend door een toetsenbord bewerker - en een separate gietmachine – bediend door een lettergieter - voor de productie van hoogdrukzetsel waarbij regels worden gegoten uit losse letters. Perslucht zorgt ervoor dat door aanslagen op het toetsenbord met perforeernaalden gaatjes in een papierrol worden gestoken. De papierrol wordt vervolgens in de gietmachine gehangen en met perslucht wordt één van de 225 matrijzen voor de gietvorm met een vloeibare loodlegering gebracht waardoor de machine de letter giet en tot compleet uitgevulde regels vormt. 

multimedia

integratie van verschillende communicatievormen, zoals tekst, beeld, geluid, animatie en film, video.

MUPI

mobilier urbain à publicité illuminé, of mobilier urbain pour l’information, een vorm van buitenreclame op publiekslocaties in stadscentra, zoals winkelstraten, pleinen, musea, routes van openbaar vervoer. Een mupi is een vrijstaande van binnenuit verlichte reclamezuil voor posters met een formaat 118,5 x 175 cm. Een zuil die is gevuld met één poster of ingericht is met roterende vlakken zodat meerdere posters kort achtereen worden getoond worden. De nieuwe ontwikkeling zijn mupi’s met digitale schermen.

muurreclame

gevelreclame, een vorm van buitenreclame, tussen 1850 en 1950 een veel voorkomende reclamevorm, handgeschilderd en op zeer groot formaat werden complete reclameboodschappen aangebracht op buitengevels. De moderne vorm van gevelreclame zijn de zogenaamde megadoeken die in buisframe - steigermateriaal - langs gevels worden gebouwd of aan de gevel worden gemonteerd, afbeeldingen op pvc-doek, als one way visions (gaatjesfolie) of op roterende lamellen waardoor meerdere beelden achtereen worden getoond. Nieuwe toepassingen zijn digitale schermen voor dynamische content. 

 

start a b c d e f g h i j k l m n o p q r s t u v w x y z

start a b c d e f g h i j k l m n o p q r s t u v w x y z

 

HSTotaal woordenlijst:
van maatwerk website tot muurreclame.

Verklaringen van communicatiebegrippen, design dialect, reclametaal, ontwerpwoorden, vormgeversjargon, typografische vaktaal, dtp-kreten, grafische uitdrukkingen, drukkerslatijn, papiertermen en van enige creatieve wartaal.

 

m

maatwerk website

closed source website, een website die niet standaard 'van de plank' wordt gehaald, geen gebruik maakt van zogenaamde standaard templates, maar precies op maat wordt gemaakt door een websiteontwikkelaar en waarvan de broncode niet openbaar, niet toegankelijk en niet gratis is. De aanbieder vraagt een ontwikkeltarief en een gebruikstarief, een zogenaamde licentiefee. Het grote voordeel van een maatwerkwebsite - een closed source website - is dat, het woord zegt het al, maatwerk wordt geleverd, geen standaard templates, dus een eigen, onderscheidend design en een maatwerk CMS - content management system – dat dus precies de relevante functies ondersteunt en niet meer dan dat. Niet-maatwerk CMS-systemen leveren veel vaak meer functies dan noodzakelijk, met name functies die niet in bedrijf zijn, waardoor het CMS wordt ’vervuild’ met meer knoppen dan noodzakelijk en het CMS onoverzichtelijk wordt. Het andere voordeel van maatwerk is de ruimte die er is voor een eigen design, dat optimaal passend kan worden gemaakt bij de identiteit van het merk of de organisatie. Maatwerkwebsites leveren niet méér techniek dan nodig is, in tegenstelling tot open source websites die opgebouwd zijn uit modules die zoals gezegd heel veel (altijd té veel) bieden. Daarmee slipt het scherm en de software vol met knoppen en functies zonder werking. Dat vertraagt de website. Maatwerk is overzichtelijk en eenvoudig en zorgt voor een snelle website. Voor een closed source website is geen IT-kennis nodig. Een open source pakket moet regelmatig worden geüpdate om het veilig te houden, waarbij de optimale werking van de plug-ins steeds moet worden gecontroleerd. Geen enkel probleem als de juiste programmakennis in huis is, maar lastig als dat niet zo is. Een closed source website is veilig. Open source - het woord zegt ’t - is open, voor iedereen toegankelijk. Ook voor programmeurs die het minder nauw nemen. En ook voor hackers. Maar omdat - in bijvoorbeeld Wordpress - ook iedereen werkt aan veiligheid is het meestal best wel veilig genoeg. Maar toch. Een closed source website is degelijk geprogrammeerd, zwaar getest op veiligheid (gecertificeerd) en voorzien van een SSL-veiligheidscertificaat. Voor kleine, eenvoudige websites met een gering aantal pagina’s zonder bijzondere functies en waar een onderscheidende uitstraling niet nodig is, kan een open source website waarbij een standaard template is gebruikt goed functioneren. Zijn de ambities groter - een eigen uitstraling, meer pagina’s, meer functies, overzichtelijkheid, snelheid en een eenvoudig CMS, dan is een closed sourse website sterk aan te bevelen.

machine-coated papier

mc-papier, kortweg mc, een papiersoort die machinaal is voorzien van een gladde laag (krijt), voor een zeer goed drukresultaat. Glad papier heeft een andere ’uitstraling’ en geeft minder ’gevoel’ dan papier met een ruwer oppervlak (= ongecoated papier).

machinaal zetten

machinezetten, heteloodzetmachines, het machinaal produceren van zetwerk in vaste regels, of het machinaal produceren van losse letters die woorden en vervolgens hele regels vormen. De vaste regelzetmachines gaven aan het eind van de 19e eeuw een enorme versnelling aan de productie van zetwerk, dat tot dat moment voornamelijk nog gebeurde door het handmatige letterzetten. Omdat voor elke regel en voor elk zetwerk nieuwe letters werden gegoten - de machine was een combinatie van zetmachine en gietmachine - bracht dat ten opzichte van het herhaald gebruik van handletters een enorme kwaliteitsverbetering. Het machinaal zetten van vaste regels wordt aan de hand van uitgetypte kopij uitgevoerd door een machinezetter op een zetmachine, ook wel regelzetmachine genoemd. De Linotype en de Intertype zijn de meest succesvolle regelzetmachines die vanaf 1886 op grote schaal zijn geïntroduceerd bij zetterijen, loonzetterijen, drukkerijen, voor de productie van grote hoeveelheden zetwerk voor kranten, boeken en tijdschriften. De Monotype - een ontwikkeling uit 1887 - is een zetmachine waarbij losse letters worden gegoten die tot regels worden gevormd. Nadat de regels tot een hoogdrukvorm zijn samengesteld kan het zetwerk naar de drukkerij om afgedrukt te worden. Na het drukken worden de vaste regels van de Linotype- en Intertype-machines niet opnieuw gebruikt maar omgesmolten, als zogenaamde broodjes terug naar de zetmachine voor het gieten van nieuwe regels. Ook de losse letters van de Monotype-machines werden niet gedistribueerd maar omgesmolten tot nieuw lood voor nieuw zetwerk. Met de komst van de fotografische zetmachine verdween vanaf 1970 de zetmachine uit het grafisch bedrijf. 

macromontage

grootmontage, grafisch werk in de offsetdrukkerij, de montage van de complete pagina’s , de schone kleurgescheiden vierkleuren offsetfilms - van bijvoorbeeld boeken, tijdschriften, kranten, brochures - volgens inslagschema samenstellen tot drukvellen. De grootmontage - vaak negatiefmontage - wordt gebruikt voor het belichten van de offsetplaat (in dat geval wordt een negatiefmontage belicht op een zogenaamde negatiefplaat). Het werk wordt verricht door een macromonteur. In de fase vóór de macromontage vindt de micromontage plaats - vaak als positiefmontage; de afzonderlijke pagina’s worden samengesteld uit losse filmdelen - koppen, tekstkolommen, afbeeldingen, bijschriften, lijnen. Dat werk wordt verricht door een micromonteur. Het montagewerk is te vergelijken met het zogenaamde werktekenen; echter, een werktekening is een papieren opzichtmodel terwijl een micro- en macromontage bestaat uit uitsluitend film - transparant materiaal. Het samenstellen van de montage gebeurt met tape - blanco tape voor de positief montage, rood tape voor de negatiefmontage. De pagina’s in de negatiefmontage worden met enige tussenruimte naast elkaar op inslagschema gemonteerd. De vrije ruimte tussen de pagina’s is gevuld met rood tape dat aan de achterzijde - de kleefzijde - wordt ingepoederd met talkpoeder waardoor de kleefkracht van het tape wordt weggenomen en de montage tijdens de belichting niet aan de offsetplaat kleeft en beschadigt bij het afnemen. Naast rood tape wordt ook een rode dekverf gebruikt - Negropak - waarmee beperkingen in de belichting, onzorgvuldigheden en stofjes die hebben geleid tot zeer kleine gaatjes in negatieffilms worden dichtgeschilders - uitgedekt.

magazine

periodiek, tijdschrift, een verzameling artikelen en advertenties, op papier gedrukte en gebundelde, gebrocheerde of zelfs een digitale uitgave - e-zine genoemd, met regelmatige verschijning. Ook het personeelsblad, relatiemagazine, bedrijfsblad, corporate magazine, gelegenheidsmagazine of themamagazine kan als magazine worden uitgegeven. Een magazine, de naam zegt het al, is een opslagplaats van nieuws, interviews, verhalen, reportages, tekst en beeld. De opmaak is compacter en brutaler dan een brochure of jaarverslag die veel sterker stramiengeoriënteerd zijn. De opmaak van een magazine geeft veel ruimte aan beeld, aan fotografie. Een magazine geeft meer ruimte aan ruimte; pagina’s volgen elkaar op in een grote verrassing. Niet alleen de pagina’s in één nummer kunnen binnen het concept sterk verschillen, ook tussen de opeenvolgende nummers kunnen de verschillen groot zijn. Over een langere periode bezien kan een magazine zich nog verder doorontwikkelen: met de seizoenen meekleuren, trends gaan volgen, met de actualiteit meebewegen.

magenta

ofwel M, de kleur rood in het drukproces van vierkleurendrukwerk (CMYK).

mager

gradatie van vetheid van drukletters. Naast vet, cursief, condensed enz.

magnetografisch printen

een ontwikkeling van het Franse bedrijf Bull Nipson, de enige ontwikkelaar in de wereld die magnetografische printsystemen op de markt brengt. Het zijn zeer snelle industriële printers voor hoge resolutie (480 dpi) zwart-wit massaprintwerk met variabele gegevens, zoals cheques, direct mail, tags, etiketten. Magnetografisch printen is vergelijkbaar met de techniek van laserprinters;  een kopieertrommel wordt geladen waaraan zich droge toner hecht. De drum van een magnetografische printer wordt echter niet elektrostatisch maar magnetisch geladen. Het te drukken beeld wordt door duizenden magneetkoppen - dot voor dot - op de trommel geschreven. In tegenstelling tot de lichtbundel in een laserprinter beschrijven de magneten juist het beeld dat op papier zwart zal worden. Op het gemagnetiseerde beeld hecht de magnetische toner die vervolgens met druk en hitte op het papier wordt overgebracht en gefixeerd. Per minuut print de magnetograaf 100 meter, meer dan 475 A4-tjes. Het magnetografische principe is zo snel omdat de magneten met elkaar samenwerken, in tegenstelling tot een laserprinter die met één laserstraal de hele breedte van een A4-tje moet belichten.

Mahez

Machinehandel van Johan Enschedé en Zonen, samen met Wifac en Tetterode is Mahez jarenlang een van de drie grote leveranciers van de grafische machines en materialen in Nederland. In 1887 breidt de Haarlemse drukker van waardepapier Johan Enschedé en Zonen haar activiteiten uit door onder de naam Mahez - Machine Handel Enschedé en Zonen - materialen en machines te gaan leveren. In 1970 gaat de Lettergieterij Amsterdam zich uitsluitend richten op Heidelberg drukpersen en draagt zij de vertegenwoordiging van Roland persen over aan Mahez. In 1994 gaat Mahez een fusie aan met zeven Europese grafische ondernemingen en gaat op in de Omnigraph Group. Op dat moment krijgt naast KNP BT ook MAN Roland een deel in bezit. MAN Roland wijzigt de naam Mahez in 2002 in MAN Roland Nederland B.V. en verdwijnt de naam Mahez als leveranciersnaam. In 2007 gaan de activiteiten van Nederland op in MAN Roland Benelux.

mailinglist

een lijst e-mailadressen die als groep in één keer hetzelfde bericht ontvangt. 

manual

handleiding waarin de huisstijl en het gebruik ervan worden uitgelegd. Ook wel huisstijlhandboek genoemd.

Manuaren

lettersoort van met de hand of penseel getekende letters, zoals de Comic Sans, of de Libra van S.H. de Roos.

manuscript

handgeschreven tekst, de vorm waarin boeken verschenen vóór de uitvinding van de boekdrukkunst. Tegenwoordig wordt de oorspronkelijke kopij van een boek een manuscript genoemd, maar strikt genomen is dat een onjuiste benaming. Kopij die is getypt op een typemachine wordt typoscript genoemd. 

Marabu

kleurensysteem voor zeefdrukinkt.

marge

vrije ruimte tussen papierrand en de zetspiegel, de bedrukking op de pagina.

marketing

alle activiteiten die gericht zijn op het bewerken van de markt met het oog op het genereren of verhogen van waarde, ontwikkeling en omzet van merken, producten, diensten en standpunten. Marketingactiviteiten zijn gericht op het positioneren en communiceren van de naam en de naamsbekendheid, de meerwaarde, het imago, de reputatie, het verwerven van nieuwe klanten, onderhouden van bestaande klanten en het initiëren van acties. De markt wordt daarbij bewerkt en benadert via de post, telefonisch, betaalde en onbetaalde publiciteit in krant en tijdschriften, digitale activiteiten via internet, zoals website, e-mailings en social media en de bewerking via sales- en promotieacties en beurzen. Marketing laat zich op veel manieren benoemen en laat zich in evenzovele stukjes uiteen vallen: van actiemarketing, belevenismarketing, digital marketing, direct marketing, content marketing, printmarketing, telemarketing, online marketing en event marketing, tot affiliated marketing, ambusch marketing, piggybacking marketing, user-generated marketing, viral marketing, word of mouth marketing en youth marketing. Die versnippering is zinloos. Uiteindelijk streven alle activiteiten hetzelfde doel na: waardeverhoging door marktbewerking.

marmering

een oude, zeer moeilijke en arbeidsintensieve decoratietechniek, gebaseerd op het verschijnsel dat inkt (vet) en gomwater elkaar afstoten, waardoor patronen ontstaan die op papier worden overgebracht. Marmertechniek wordt in de boekbinderij toegepast bij boeken, waarbij de open zijden of schutbladen handmatig worden voorzien van een gemarmerd patroon: een zogenaamd kleurvlekkenpatroon of golflijnenpatroon, wolkenmarmering of sprenkelmarmering.

map

persmap, introductiemap, informatiemap, omslagmap, verzamelnaam voor een omslag - soms met een of meerdere naar binnen vouwende en gestanste flappen, vervaardigd uit zware tot zeer zware papier- of kartonsoorten met een laminaat, met een bedrukte buitenzijde - vaak ook binnenzijde - en een gelakte of geverniste beschermlaag. Een map dient ter bescherming van de inhoud die kan bestaan uit meerdere losse drukwerken of documenten. 

mascotte

een vorm van een bedrijfslogo, een losstaand, geïsoleerd en zelfstandig te gebruiken herkenbaar en benoembaar figuur, in de vorm van bijvoorbeeld een persoon of dier dat aan de naam van een organisatie of bedrijf - ook wel van een individu, een dienst, product, partij of idee, religie of ideologie - is toegevoegd, de onderneming representeert en een rol kan spelen in de communicatie van het merk. Voorbeelden zijn de leeuw van ING, het beertje van Robijn, de nar van de Efteling en de krokodil van Lacoste.

massacommunicatie

boodschappen die ons via de krant, tv, radio, boeken, film, muziek en internet bereiken. Massacommunicatie is een in onbruik geraakte term voor mediacommunicatie, omdat de term suggereert dat een massa mensen tegelijk wordt beïnvloed, terwijl bij communicatie sprake moet zijn van interactie. 

masterless printing

printen zonder drukvorm, zonder beelddrager. Bij deze vorm van printen wordt het te drukken beeld als digitaal bestand voor elke afdruk opnieuw van de computer naar de  printapparatuur gezonden. Drukvormen, beelddragers (masters), zoals clichés, sjablonen, stempels en drukplaten (offsetplaten) zijn niet nodig. De meest voorkomende vormen van masterless printing zijn laser printen, elektrofotografisch printen, thermografisch printen, inkjet printen, transfer printen, magnetografisch printen, Océ Copy Press en digitale offset.

mat

gradatie van effenheid van het papier.

Matchprint

een in 1970 door 3M ontwikkelde kleurproeftechniek, een thermisch lamineringsproces langs fotografische weg, waarmee lithofilms konden worden gecontroleerd zonder drukproeven in offset te hoeven maken. Een Matchprint is een opzichtmodel dat is samengesteld uit een papieren basisvel en meerdere lagen transparant film in elk van de vier full color drukgangen, cyaan, magenta, geel en zwart (CMYK). Het resultaat is geen nauwkeurige weergave van het eindresultaat, maar geeft een aanvaardbare suggestie.  

matrixprinter

een tekstprinter die een afdruk maakt door metalen pinnetjes via een inktlint tegen een vel papier te slaan. Een matrixprinter is uitgerust met een printkop met metalen naaldjes die tijdens het afdrukken heen en weer beweegt over een metalen geleider. Tussen de printkop en het papier is een inktlint gespannen terwijl de naaldjes met grote snelheid tegen het inktlint slaan. De naaldjes worden elektromagnetische geactiveerd waardoor binnen een door de tekengenerator bepaalde matrix van 9, 18 of 24 punten (dots) een teken ontstaat. Dit aantal punten bepaalt de resolutie en daardoor de afdrukkwaliteit. Hoe meer puntjes, hoe meer details in het schriftbeeld, hoe meer printkracht nodig is. Matrix printers zijn zogenaamde impact printers; er is druk en fysiek contact nodig tussen de printkop en het inktlint en het papier om de afdruk te laten plaatsvinden. Inkjet printers en laser printers zijn non-impact printers; er is geen fysiek contact en geen druk nodig om een afdruk te maken. Matrixprinters worden onmisbaar bij het maken van doorslagen op zelfkopiërend papier en bij het printen in hete, koude, stoffige of vochtige ruimten. Nadeel is dat ze nogal luidruchtig zijn.

m.c.-papier

papier voorzien van speciale afwerklaag. Geeft een bijzonder gesloten, mat of glanzende oppervlakte.

Mecanorma

Frans bedrijf, evenals Letraset in de 70-er en 80-er jaren een van de grote, wereldwijde verkopers van afwrijfletters en -tekens (plakletters) voor het handmatig vervaardigen van titels en kopregels in reproductietekeningen (werktekeningen) als drukwerkvoorbereiding. De letters zijn in drukwerkkwaliteit aangebracht op een dragervel en worden met een houten of metalen spatel - of met een stomp potlood - overgebracht op papier of karton. De opkomst van de kwalitatief stabiele fotozetmachine heeft het kwalitatief persoonsafhankelijke handmatige, tijdrovende dus dure werken met plakletters verdrongen. In 1995 droeg Mecanorma de productie van wrijfletters over aan Trip Productions.

Mecanorma Collection

de voormalige collectie afwrijfletters van Mecanorma, in 2004 door International TypeFounders (ITF) overgenomen en als digitale letterbibliotheek beschikbaar gesteld. Bekende Mecanorma-lettertypen zijn: Stencil, Cooper Black, ICT Neon, Stencil, Blippo, Eurostyle.

mediacommunicatie

communicatie via één of meer mediumtypen, waarvoor betaald moet worden door de zender van de boodschap. Het is een niet-persoonlijke vorm van communiceren.

mediaevalcijfers

uithangende cijfers, cijfers wisselend van breedte en hoogte en wisselend van positie ten opzichte van de letterlijn (de onderzijde van de letter zonder staart). Mediaevalcijfers zijn speciaal ontworpen om binnen een horizontale tekstregel te worden toegepast waardoor cijfers mooi aansluiten op het ritme een gewone tekstregel. Daarom hebben mediaevalcijfers geen vaste breedte - de 1 staat op een smallere kegel dan de 8. Dat is anders dan bij zogenaamde tabelcijfers waarvan het letterstaafje wél een vaste breedte en vaste hoogte heeft. Tabelcijfers - het woord zegt het al - zijn bedoeld voor tabellen, en ook voor andere verticale opsommingen waarin alle cijfers recht onder elkaar dienen te staan. Het letterstaafje is ter grootte van een pasje, een half vierkant. Het letterbeeld van deze cijfers hebben een gelijke grootte en geven daardoor een rustig leesbeeld. Mediaevalcijfers zijn niet bij elk lettertype verkrijgbaar.

medium

middel om een boodschap over te dragen, informatiedrager, boodschapper.

mediumtype

media die wat hun aard betreft met elkaar overeenkomen. Zoals bijvoorbeeld visuele 

media

(kranten, tijdschriften, folders), auditieve media (radio en telefoon) en audiovisuele media (televisie).

meerkleurendruk

drukwerk met meer dan één kleur.

meerkosten

aanvullende bedragen bovenop de afgesproken prijs in een offerte; een lastig onderwerp voor creatieven en opdrachtgevers. Meerkosten - of minderkosten - ontstaan als het proces van een project anders verloopt dan voorzien, vaak als gevolg van een tussentijdse wijziging van de opdracht, voortschrijdend inzicht waardoor de opdrachtgever gaat nadenken nadat die een ontwerp heeft gezien, of vanwege onvoorziene omstandigheden zoals de stijging van grondstoffen. Als meerkosten ontstaan vanwege een verkeerde inschatting van tijd door het bureau is dat doorgaans met de opdrachtgever niet bespreekbaar. 

meestergast

meesterknecht of meester, andere naam voor medewerkend voorman drukker, iemand die leiding geeft aan enkele drukkers of aan een complete drukkerijafdeling. Een voorman controleert de voortgang, zorgt ervoor dat het werk goed wordt uitgevoerd en helpt de drukkers bij problemen en vragen. De meestergast is de hoogste in rang in de drukkerij, de schandjongen - die de misdrukken uit de oplage verwijderd - de laagste in rang. 

merk

een onderscheidend teken (beeldmerk), een naam (logo, woordmerk), symbool, icoon, afbeelding of een combinatie daarvan, dat de signatuur, de handtekening vormt van een onderneming, organisatie, product of dienst en dat ook de sleutel is tot herkenning; het vaandel dat voor het orkest uitloopt. Het merkteken visualiseert de naam en de identiteit op een specifieke manier en is daardoor onmisbaar bij commerciële activiteiten. Daarnaast visualiseert een merk ook de identiteit, de corporate identity. Deze identiteit vormt samen met de symboliek, het gedrag en de communicatie de totale merkbeleving. De visuele identiteit maakt het merk zichtbaar en concreet in een huisstijl, met uitingen die consequent op elkaar zijn afgestemd, zoals het logo, het wagenpark, de website en de verpakkingen. Uiteindelijk is een merk ook een brand. Branding is een abstract begrip en gaat over klantbeleving, wat het publiek denkt, voelt en ervaart bij het zien van een merk. In marketing wordt onderscheid gemaakt tussen A-merken (een bekend merkartikel met veel naamsbekendheid, veel kwaliteit en een goede reputatie), B-merken (een merkartikel met minder naamsbekendheid, lagere kwaliteit, minder goede reputatie), en C-merken (witte merken of discount-merken die zich richten op een doelgroep waar de prijs doorslaggevend is) en huismerken (een C-merk dat eigendom is van een winkelketen waar het tegen een lagere prijs wordt verkocht). 

merkwaarden

de waarden die door de onderneming, maar wellicht nog meer door klanten en gebruikers worden toegeschreven aan een merk, zonder dat de gebruikers die waarden kennen. Merkwaarden zijn dus bij voorkeur niet alleen de gewenste waarden zoals een organisatie die graag zelf toekent aan het merk, maar het is ook de betekenis die anderen aan het merk geven. Merkwaarden - aangejaagd door de organisatiewaarden - vormen het fundament onder het merk. Merkwaarden bepalen wat je met het merk kunt ondernemen, geven vorm aan het merkgedrag, inspireren de creativiteit en de merkcommunicatie en helpen het merkkarakter vorm te geven. Het geeft het merk herkenbaarheid en een onderscheidende positie in de markt. Merkwaarden zijn niet vrijblijvend. Bij voorkeur zijn ze geïnspireerd door het merk zelf en zeggen alles over wat het merk is; het gaat om het zijn van het merk. De merkwaarden geven dus niet alleen de kaders aan hoe het merk zich kan gedragen, maar bewaken ook de geloofwaardigheid; het merk dient zich te gedragen naar zijn waarden. Kan dat niet waar worden gemaakt - omdat de waarden niet gebaseerd zijn op wat voortkomt uit het merk, maar wat bijvoorbeeld vanuit de onderneming of zelfs een reclamebureau als wenselijk is aangestuurd - dan verdwijnt de geloofwaardigheid uit het merk.

metallic inkten

goud- en zilverinkten met metaalpigmenten voor vellenoffsetdruk en zeefdruk, met een metaal of parelmoer uitstraling. Naast goud en zilver verkrijgbaar in de PMS goud- en zilverinkten. Wordt toegepast op luxe drukwerk en verpakkingen. 

methode Van de Graaf

een methode die is bedoeld om bij boektypografie tot een Gulden Snede te komen waarbij de grootte en de verhouding van de zetspiegel, en de positie van de zetspiegel op de bladspiegel in een harmonische verhouding is gebracht. Deze methode is ingewikkelder dan beide andere methodes (de berekeningsmethode en de diagonaalmethode), maar voldoet beter bij afwijkende paginaformaten. Bij deze methode worden diagonalen getrokken over de enkele en over de dubbele pagina, om vanuit de kruisingen nieuwe hulplijnen te trekken, loodrecht omhoog en loodrecht naar beneden tot het rugpunt. Daaruit wordt positie en lengte van de pagina bepaald. Naast deze methode zijn er zoals genoemd nog twee andere methodes: de berekeningsmethode en de diagonaalmethode. 

micromontage

grafisch werk in het lithobedrijf ten behoeve van de offset drukwerkvoorbereiding, de handmatige montage van los vervaardigde filmdelen - tekstkolommen, koppen, gerasterde foto’s, illustraties, paginacijfers enz. - tot complete pagina’s die vervolgens tot schone films worden gekopieerd. In de daaropvolgende macromontage of grootmontage worden de afzonderlijke pagina’s volgens inslagschema tot complete drukvellen samengesteld. De micromontage wordt verricht door een zogenaamde micromonteur. 

microperforatie

perforatie, perforeren, het met een vlak of roterend mes aanbrengen van een rij aaneengesloten, zeer kleine open gaatjes - speldenprikjes - in bedrukt papier, drukwerk, waarbij een scheurlijn ontstaat, zodat makkelijk gescheurd kan worden zonder dat het drukwerk verder beschadigt. Bijvoorbeeld bij schrijfbloks, entreekaartjes, kettingformulieren en kwitanties. De microperforatie wordt aangebracht met holle pinnen waardoor een rond stukje uit het papier worden genomen. 

moet

ongewenst verschijnsel bij drukwerk in de boekdrukkerij, een teken van een slechte kwaliteit drukwerk die wordt veroorzaakt door een té grote persing van de hoogdrukvorm op het papier waardoor de druk aan de achterzijde van het papier zichtbaar is, als het ware is doorgedrukt. Is de moet ernstig en ook voor een leek zichtbaar, dan zeggen drukkers tegen elkaar: "Daar kan ik mijn pet aan ophangen!" Een reactie uit de tijd dat drukkers petten droegen.

moiré

een ongewenst verschijnsel in de lithografie of beeldbewerking waarbij twee patronen nét niet gelijk zijn en een derde patroon ontstaat. Moiré doet zich voor in de lithografie waarbij een gelijkmatig patroon in de foto (bijvoorbeeld de stof van een streepjespak) net niet samenvalt met het ritme van een puntraster dat bij de reproductie gebruikt wordt. Of wanneer een gerasterde foto opnieuw wordt gereproduceerd en gerasterd. Of wanneer de rasterhoeken niet vergenoeg uiteenlopen. Door het verschil dat optreedt tussen de patronen wordt een niet-bestaand patroon zichtbaar. Door het gebruik van filters of door een ander raster of een andere rasterstand te gebruiken kan een moirépatroon worden voorkomen. 

mollen

het door dommigheid, door ontbrekend vakmanschap of door het ontbreken van vaardigheid onjuist elektronisch modificeren van digitale beelden - letters, illustraties, logo’s. Mollen komt vandaag de dag, in het digitale tijdperk, vaker voor dan in het analoge tijdperk, juist vanwege de eenvoudige manier om digitale beelden uit te wisselen en te bewerken en de grote beschikbaarheid van digitaal materiaal. Vanwege die ogenschijnlijk eenvoudige digitale toegankelijkheid van beelden en het ontbreken van tijd, geduld, aandacht, liefde, passie, begeleidende instructies en controle worden veel fouten gemaakt. Voorbeelden van mollen zijn: de slecht gejatte en verbouwde lettertypes van Bill Gates die hij levert bij het tekstverwerkingspakket Microsoft Word. Ook logo’s worden gemold om ze dwingend passend te krijgen op een gewenste maat en waarbij de moller - degene die molt - geen oog heeft voor het vakmanschap en de liefde waarmee het logo is gemaakt. Foto’s worden gemold door ze verkeerd te bewerken in Photoshop of andere beeldbewerkingspakketten. De complexiteit van deze pakketten is groot, de mogelijkheden eindeloos, het onjuiste gebruik ook. 

modificeren

het elektronisch vervormen en bewerken met grafische softwarepakketten van digitale beelden - teksten en logo’s, zoals cursiveren, versmallen en verbreden van. Onjuist modificeren - waarbij het oorspronkelijke of bedoelde karakter van de voorstelling om zeep wordt gebracht - wordt mollen genoemd. Dat is modificeren zonder kennis, vaardigheid en vakmanschap.

monogram

een typografisch logo, het logo van een organisatie of bedrijf - ook wel van een individu, een dienst, product, partij of idee, religie of ideologie - dat is vormgegeven met – als het ware - in elkaar gevlochten letters, zoals de logo’s van AH (Albert Heijn), Louis Vuitton en Yves Saint Laurent.

Monotype

een losse letterzetmachine, een toetsenbord - bediend door een toetsenbord bewerker - en een separate gietmachine – bediend door een lettergieter - voor de productie van hoogdrukzetsel waarbij regels worden gegoten uit losse letters. Perslucht zorgt ervoor dat door aanslagen op het toetsenbord met perforeernaalden gaatjes in een papierrol worden gestoken. De papierrol wordt vervolgens in de gietmachine gehangen en met perslucht wordt één van de 225 matrijzen voor de gietvorm met een vloeibare loodlegering gebracht waardoor de machine de letter giet en tot compleet uitgevulde regels vormt. 

multimedia

integratie van verschillende communicatievormen, zoals tekst, beeld, geluid, animatie en film, video.

MUPI

mobilier urbain à publicité illuminé, of mobilier urbain pour l’information, een vorm van buitenreclame op publiekslocaties in stadscentra, zoals winkelstraten, pleinen, musea, routes van openbaar vervoer. Een mupi is een vrijstaande van binnenuit verlichte reclamezuil voor posters met een formaat 118,5 x 175 cm. Een zuil die is gevuld met één poster of ingericht is met roterende vlakken zodat meerdere posters kort achtereen worden getoond worden. De nieuwe ontwikkeling zijn mupi’s met digitale schermen.

muurreclame

gevelreclame, een vorm van buitenreclame, tussen 1850 en 1950 een veel voorkomende reclamevorm, handgeschilderd en op zeer groot formaat werden complete reclameboodschappen aangebracht op buitengevels. De moderne vorm van gevelreclame zijn de zogenaamde megadoeken die in buisframe - steigermateriaal - langs gevels worden gebouwd of aan de gevel worden gemonteerd, afbeeldingen op pvc-doek, als one way visions (gaatjesfolie) of op roterende lamellen waardoor meerdere beelden achtereen worden getoond. Nieuwe toepassingen zijn digitale schermen voor dynamische content. 

 

start a b c d e f g h i j k l m n o p q r s t u v w x y z

Een leuke vraag en geen antwoord gevonden? Of mist u een woord? Mail HSTotaal: mail@hstotaal.nl.

Geen antwoord gevonden of mist u een woord? Mail HSTotaal: mail@hstotaal.nl.