Communicatievraag met een B? Raadpleeg de HSTotaal-woordenlijst!

HSTotaal woordenlijst

Grafische, creatieve en communicatie-begrippen

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

B
Bankpost, hard, houtvrij briefpapier, ook met de hand uitstekend beschrijfbaar.
Basiselementen, de belangrijkste kenmerken van een huisstijl, zoals vignet, kleurprogramma en letter. De toepassingen worden hier niet mee bedoeld.
Basisstramien, een rasterpatroon van horizontale en verticale lijnen. Een belangrijk hulpmiddel in het ordeningsproces van vormgeving.
Beeldschermopmaak, een computergestuurde techniek voor het samenstellen van pagina's uit tekst en beeld.
Beginkapitaal, de eerste letter van een woord of zin is een hoofdletter, de rest een kleine letter (onderkast).
Bewegwijzering, bebording voor geleiding van bezoekersstromen in of buiten gebouwen.
Binnenwerk, hiermee wordt niet het omslag, maar de binnenpaginaÆs bedoeld van een brochure of boek.
Bladspiegel, de positie van de zetspiegel op het eindformaat, met inbegrip van de witmarges.
Blindpregen, drukvorm die in het papier geperst wordt zonder gebruikmaking van drukinkt (diep relief). Bij het gebruik van een tegenvorm ontstaat een opliggend eindresultaat (hoog relief).
Blokvorm, tekstkolommen waarvan de voor- en achterzijden gelijk zijn.
Boren, het aanbrengen van gaten in papier, bijvoorbeeld ten behoeve van een ringbandmechaniek.
Bordkarton, massief karton, zwaarder dan 600 g/m2.
Breedlopend, de ligging van de papiervezel is parallel aan de korte zijde van het vel papier. Papier waarvan de vezel parallel aan de lange zijde loopt, wordt langlopend genoemd.
Brocheren, het samenstellen van meerdere drukvellen tot een boek of uitgave, met lijm, garen of een metalen niet.

HSTotaal woordenlijst

Grafische, creatieve en communicatie-begrippen

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

B
Bankpost, hard, houtvrij briefpapier, ook met de hand uitstekend beschrijfbaar.
Basiselementen, de belangrijkste kenmerken van een huisstijl, zoals vignet, kleurprogramma en letter. De toepassingen worden hier niet mee bedoeld.
Basisstramien, een rasterpatroon van horizontale en verticale lijnen. Een belangrijk hulpmiddel in het ordeningsproces van vormgeving.
Beeldschermopmaak, een computergestuurde techniek voor het samenstellen van pagina's uit tekst en beeld.
Beginkapitaal, de eerste letter van een woord of zin is een hoofdletter, de rest een kleine letter (onderkast).
Bewegwijzering, bebording voor geleiding van bezoekersstromen in of buiten gebouwen.
Binnenwerk, hiermee wordt niet het omslag, maar de binnenpaginaÆs bedoeld van een brochure of boek.
Bladspiegel, de positie van de zetspiegel op het eindformaat, met inbegrip van de witmarges.
Blindpregen, drukvorm die in het papier geperst wordt zonder gebruikmaking van drukinkt (diep relief). Bij het gebruik van een tegenvorm ontstaat een opliggend eindresultaat (hoog relief).
Blokvorm, tekstkolommen waarvan de voor- en achterzijden gelijk zijn.
Boren, het aanbrengen van gaten in papier, bijvoorbeeld ten behoeve van een ringbandmechaniek.
Bordkarton, massief karton, zwaarder dan 600 g/m2.
Breedlopend, de ligging van de papiervezel is parallel aan de korte zijde van het vel papier. Papier waarvan de vezel parallel aan de lange zijde loopt, wordt langlopend genoemd.
Brocheren, het samenstellen van meerdere drukvellen tot een boek of uitgave, met lijm, garen of een metalen niet.

Geen antwoord gevonden? Bel dan met HSTotaal, Joost Klinkenberg of Bart Landman: 023-534 45 00. Of stuur een bericht aan: joost@hstotaal.nl.

Geen antwoord op uw vraag gevonden? Mail dan naar: mail@hstotaal.nl.